De koekoeksbijen van het Boshommellandschap

Wie aan bijen denkt, denkt aan bloemen. Het belang van bijen als bestuivers is weinigen ontgaan. Maar wist je ook dat een groot deel van de bijen helemaal niet zo’n bezig bijtje is? Meer dan een kwart van de bijensoorten in het Geuldal laten het zware werk liever aan een ander over. Maak kennis met: de koekoeksbijen van het Boshommellandschap.

Net als de koekoek, naar wie deze bijen vernoemd zijn, leggen koekoeksbijen hun eieren uitsluitend in het nest van een ander. In plaats van zelf een nest te bouwen en tussen nest en bloem te pendelen om pollen te verzamelen, wachten koekoeksbij-vrouwtjes geduldig in de buurt van een nest totdat de gastvrouw van huis is. Zodra er een holletje onbewaakt is, sluipt zij naar binnen en verstopt zij stiekem haar eitjes. Wanneer de larve zich uit zo’n eitje heeft gewrongen voedt het zich op het ei en de pollenkoek die zijn achtergelaten door de gastvrouw.

Een vrouwtje van de roodharige wespbij, op zoek naar een nest van haar gastvrouw, de grijze zandbij.

Zoals je misschien al door had, zijn koekoeksbijen dus parasitaire bijen. Hoewel dit vrij uitzonderlijk klinkt, zijn toch 57 van de ruim 200 gevonden bijensoorten in het Boshommellandschap parasitair. Omdat de parasitaire levenswijze meerdere keren geëvolueerd is binnen de bijen, is de term “koekoeksbij” eigenlijk een verzamelnaam voor een grote diversiteit aan zeer uiteenlopende groepen bijen.

De witte rouwbij, een zeldzame koekoeksbij in het boshommellandschap die haar eitjes in het nest van de zwarte sachembij legt.

De grote koekoekshommel (Bombus vestalis) en de gewone wespbij (Nomada flava)  zijn tot nu toe de twee meest waargenomen koekoeksbijen in het Boshommellandschap. De eerste, de grote koekoekshommel, is nogal kieskeurig. Zij parasiteert alleen de nesten van de aardhommel. De koningin van een jong nest wordt door haar onderworpen, waarna de werksters de koekoekshommel gehoorzamen als nieuwe koningin. De gewone wespbij daarentegen neemt het niet zo nauw, en besluipt de nesten van verschillende gastvrouwsoorten (al zijn dit wel allemaal zandbijen). Maar het kan nog gekker: de bosbloedbij (Sphecodes ephippius) is als soort erg generalistisch en kan dus veel verschillende gastvrouwsoorten parasiteren, maar individuele bosbloedbij-vrouwtjes hebben dan wel weer een specifieke smaak en parasiteren voornamelijk de gastvrouwen van één enkele soort.

De twee meest waargenomen koekoeksbijen van het boshommellandschap: de gewone wespbij (links) en de grote koekoekshommel (rechts, foto: Maurits Močnik).

Alhoewel koekoeksbijen erg soortenrijk zijn, vertegenwoordigen ze maar een klein deel van de totale bijenaantallen. Slechts 6,5% van het totaal aantal geobserveerde wilde bijen in het Boshommellandschap is parasitair. Dat is eigenlijk helemaal niet zo vreemd, want de overleving van de koekoeksbij hangt af van de talrijkheid van haar gastvrouwen. Ook uit de data van het boshommellandschap is deze relatie terug te zien is. Er is over het algemeen een positieve relatie te vinden tussen het aantal koekoeksbijen en het aantal gastvrouwen van die aanwezige koekoeksbijen binnen de onderzoekslocaties.

Ruim een kwart van de aangetroffen bijensoorten in het boshommellandschap is een koekoeksbij (rechts), maar deze soorten worden wel in veel lagere aantallen aangetroffen (links).

Aangezien koekoeksbijen weinig anders doen dan zoeken naar een geschikt en onbewaakt nest, en enkel bloemen bezoeken om zelf wat nectar te drinken, zijn zij veelal te vinden dichtbij locaties met veel bijennesten. Voor bodemnestelaars is droge grond op een helling, zoals dat vaak te vinden is in waterbuffers, zeer geliefd. Vooral de steile wandjes, die als deel van het bij-vriendelijke beheer zijn afgegraven in een aantal waterbuffers, zijn erg aantrekkelijk voor solitaire bijen, en daarmee ook koekoeksbijen. Uit de gegevens die door de jaren heen zijn verzameld blijkt dan ook dat koekoeksbijen het vaakst in waterbuffers worden gevonden, veel meer dan in weides of wegbermen. En om af te sluiten met een mooi koekoeksbij-nieuwtje: in een van de bij-vriendelijk beheerde waterbuffers is dit jaar voor het eerst tijdens de monitoring de zeer zeldzame schubhaarkegelbij (Coelioxys afer) gevonden!

Coverfoto: Schubhaarkegelbij (Coelioxys afer)
Tekst: Allart Knoop

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *